maandag 6 april 2015

Nieuwe ster uit zangersmekka Québec


Julie Boulianne
Analekta 

De Canadese regio Québec is voor een zanger een prima plek om op te groeien. Kijk naar Karina Gauvin en Marie-Nicole Lemieux. En naar de jonge Julie Boulianne, een nichtje van Lemieux, met een mezzosopraanstem die als smeltende chocolade van het ene naar het andere register glijdt. Haar carrière gaat razendsnel. Van keukenhulp in Dvoráks opera Rusalka klom ze in een paar seizoenen op naar de hoofdrol in Thomas Adès' The tempest.
In oktober kunnen we haar bij De Nationale Opera horen in een operette, L'étoile van Emmanuel Chabrier, maar eerst is er een cd met een serieuzer repertoire van Händel en Porpora. Het duizelt je van de veelzijdigheid van deze aanstormende ster en van de warmte waarmee ze een aria uit Ariodante dichtbij brengt.
Biëlla Luttmer
de Volkskrant, 23 juli 2014

Geen krasje op hoogglanslak Gardiner



Vigilate!
Monteverdi Choir
SDG

Vijftig jaar na de oprichting van het Monteverdi Choir is het koor van John Eliot Gardiner tot in de perfectie gepolijst en opgewreven. Als hij met zijn vingers knipt, klinkt het rimpelloos als het vel van een pasgeboren veulen. Als hij een explosie wil, krijgt hij een klank waarvan de hemel natrilt. Dat is een verdienste en een manco tegelijk. 
Op zijn nieuwe cd kiest hij werken waarin de siddering van heimelijk katholiek gebleven componisten in het Elizabethaanse Engeland doorklinkt. Tallis en Byrd, Tomkins en White lieten dissonanten ruig tegen elkaar aan schuren.
Gardiners aanpak levert aangrijpende momenten op, maar af en toe zou je een barstje in de hoogglansklank van het Monteverdi Choir willen horen.
Biëlla Luttmer
de Volkskrant, 23 juli 2014

Werk Hans Rott gered van de vergetelheid


Hans Rott: Balde ruhest du auch!
Michael Volle, Münchner Symphoniker 
Oehms

Ze vormden een clubje van supertalenten: Hans Rott, Gustav Mahler en Hugo Wolf. Rond 1880 lag Wenen, centrum van de muziekwereld, aan hun voeten. Zeker Anton Bruckner, docent van zowel Mahler als Rott, gaf hoog op van de talenten van zijn leerlingen. Beiden vlochten, dwars door hun symfonische werk h een, simpele volksliedjes. Gewaagd, maar Bruckner zag hun kwaliteiten.
Helaas viel de hypergevoelige Rott al snel buiten de boot. Kort na zijn 20ste kreeg hij last van een psychische aandoening. Nadat hij in een trein een man met een pistool had bedreigd, werd hij opgenomen. Hij overleed voor zijn 26ste.

Hoe triest dat voor de muziekgeschiedenis is, blijkt uit het handjevol overgeleverde werken. Zijn 'Liederenreis' met de titel Balde ruhest du auch! werd postuum geïnstrumenteerd en is nu voor het eerst op cd vastgelegd met de gloedvolle stem van Michael Volle. Jammer dat zijn Symfonie in E flodderig wordt gespeeld door de Münchener Symphoniker. Dwars daar doorheen hoor je een stortvloed van ideeën van een man, die had kunnen uitgroeien tot een groot componist.
Biëlla Luttmer
de Volkskrant, 23 juli 2014

John Storgårds heeft Sibelius' sferen vanaf zijn kinderjaren ingeademd


Sibelius: Symfonieën
BBC Philharmonic o.l.v. John Storgårds 

Chandos
De Finse dirigent John Storgårds loopt zich warm voor de viering van het Sibeliusjaar 2015. Net aangetreden als chef-gastdirigent van het BBC Philharmonic, heeft hij de zeven symfonieën van de componist opgenomen, aangevuld met drie late fragmenten die waarschijnlijk bedoeld waren voor Sibelius' Achtste. Vermoedelijk is dit het grote werk waarover hij in zijn dagboeken schrijft, maar dat hij niet meer op papier heeft kunnen zetten door een tremor in zijn handen.
Storgårds, voormalig violist en op dirigeergebied een pupil van Jorma Panula én Sibeliuslegende Paavo Berglund, laat op de mooiste plekken een spannend evenwicht ontstaan tussen grote spanningsbogen en fijne details. In de Eerste symfonie bijvoorbeeld. Daar breekt door de kolkende onderstromen in het orkest de lucht open. In het scherzo klinkt een glasheldere, razend spannende fuga. Het zijn momenten die de potentie laten horen van een dirigent die de sfeer van Sibelius vanaf zijn kinderjaren heeft ingeademd. 
Biëlla Luttmer
de Volkskrant, 2 juli 2014



Schaduwklanken uit een kachelpijp


Kagel, Stockhausen, De Raaff, Hirs, Chin
Attacca
'Ik hou wel van muziek met een intellectuele uitdaging', zegt Fie Schouten. 'Ik vind het leuker iets nieuws te ontdekken dan iets ouds te reconstrueren.' Die uitdaging vindt de basklarinettiste op haar nieuwe solo-cd in werken van Mauricio Kagel, Rozalie Hirs, Robin de Raaff, Unsuk Chin en Karlheinz Stockhausen.
In haar eentje gebruikt ze een baaierd aan technieken om de composities op een kleurrijke, vaak theatrale manier neer te zetten: slaptongues (een slagwerkachtige inzet van een toon), dubbeltonen of zingen in de grote kachelpijp, zoals ze haar instrument noemt. Gruizige jazzklanken die de basklarinet op het lijf zijn geschreven, wisselt ze af met tere lijnen die op sommige momenten losbranden in een schitterend getimede dans. Kagels Schattenklänge klinkt alsof ze de kleurenrijkdom van haar instrument op de tast verkent en er heel geleidelijk een ritmische beweging doorheen druppelt.
Biëlla Luttmer
de Volkskrant, 2 juli 2014

Orlando's afgunst levert verhitte taferelen op



Händel: Orlando

Archiv

Terwijl Händels opera Orlando op het Holland Festival staat, ligt de cd-opname van de productie, met het fonkelende B'Rock, al in de schappen. Aanjager van het Belgische barokorkest is de dirigent René Jacobs. Met een vaart die je naar adem laat happen, koerst hij met zijn musici aan op de confrontatie van Orlando (gezongen door ster-countertenor Bejun Mehta) met de magiër Zoroastro (de bas Konstantin Wolff) en de lieftallige Angelica (Sophie Karthäuser) - die eerst wordt vermoord door de jaloerse Orlando en dan weer tot leven wordt gewekt.
In het orkest hoor je windmachines en strijkers, die de gekmakende afgunst van Orlando begeleiden. Voor de transformatie van Orlando in een vuurgevaarlijke brandweerman moet je de voorstelling en zeker de enscenering van Pierre Audi meemaken, maar aan verhitte taferelen is ook op de cd geen gebrek.
Biëlla Luttmer
de Volkskrant, 11 juni 2014

Barenboim vraagt aandacht voor Tweede symfonie van Elgar


Edward Elgar 
Decca

Edward Elgar is beroemder om zijn Pomp and Circumstance en om zijn Celloconcert dan om de twee symfonieën die hij schreef. Vooral de mars die bij elke Last night of the Proms in de Royal Albert Hall uit volle borst wordt meegezongen, werd een hit die iedere Engelsman kent. 
Het zijn wonderlijke extremen uit de koker van één en dezelfde man: het ene stuk uitgelaten, het andere zwaar en triest. Over zijn Tweede symfonie had hij zijn twijfels. In 1910 beschreef hij het werk eraan zo: 'Ik vrees dat ik bezig ben vreemde en betoverende herinneringen te gieten in armzalige muziek.' De dirigent Daniel Barenboim schat de compositie aanmerkelijk hoger in. Dat hij het werk nu voor de tweede keer heeft opgenomen, zegt genoeg.
Nauwkeurig kiest hij zijn tempi en ook het nobele karakter dat Elgar in het openingsdeel beoogt, raakt hij in het hart. Met de Staatskapelle Berlin geeft hij het stuk de uitvoering die recht doet aan de betovering die Elgar wilde laten horen.
Biëlla Luttmer
de Volkskrant, 11 juni 2014